Bart Voorzangers weblog

top

volgend

overzicht

9 leer kinderen Nederlands …

… en laat hun ouders met rust: Nederlandse les voor allochtone ouders draagt niets bij aan het wegnemen van de taalachterstand van hun kinderen.

maandag, 23 november 2009

Taalachterstand van migrantenkinderen is een groot probleem. Niet alleen omdat ze die tijdens hun schoolcarrière nooit meer inhalen, maar vooral ook omdat ze hun hele schoolcarrière werken met lesmateriaal dat ze niet snappen, en dat hen – ik zeg dat op grond van eigen ervaring voor de klas – tot wanhoop drijft. Zo wordt taalachterstand een achterstand in álles wat de school onderwijst, en kweek je leerlingen die nauwelijks meer te motiveren zijn.

Taalachterstand is het gevolg van de situatie thuis. Als daar geen Nederlands wordt gesproken, maken kinderen pas met die taal kennis als ze naar school of voorschoolse opvang gaan. Minister Van der Laan vindt daarom (zie zijn brief aan de Tweede Kamer van 17 november 2009) dat ouders Nederlands moeten leren, en suggereert dat wie daar laks in is, zijn kinderen en de samenleving opzadelt met een groot probleem.

Ouders die als volwassenen op een taalcursus Nederlands leren en daarna thuis die taal gaan praten, beschikken over een minuscule woordenschat en een rudimentaire grammatica. Wat zij hun kinderen aan Nederlands kunnen meegeven, pikken die kinderen op straat en school in een oogwenk zelf op. In praktijk zijn het de óuders – de welwillende, die Van der Laans cursusaanbod met beide handen aangrepen – die Nederlands leren van hun schoolgaande kinderen. Die kinderen zelf hebben daar weinig aan. ’t Zou helpen als die ouders een Nederlandse werk- en vriendenkring hadden, maar dat laat zich niet zomaar regelen. ’t Zou helpen als die ouders snel en enthousiast aan het lezen sloegen en een voorbeeld namen aan Kader Abdollah die aan Jip en Janneke zijn woordenschat verrijkte, maar Kader Abdollah was al een intellectueel voor hij naar Nederland kwam. Dat zijn de meeste van die ouders niet, en ze zullen het ook niet worden.

Taalonderwijs aan jonge of aanstaande niet-Nederlandstalige ouders is voor die ouders zeker zinvol, maar voor hun kinderen komt het te laat. Die ouders een schuldgevoel aanpraten over de achterstand van hun kroost is gewoon ongepast.

Als je iets doen wilt aan de taalachterstand van allochtone basisschoolleerlingen zul je moeten werken aan hún taalontwikkeling. De ‘kopklas’ na groep acht – een extra schooljaar om die taalachterstand in te lopen – komt daarvoor een jaar of zes te laat. Je moet die achterstand aanpakken voor de basisschool, niet erna. Trek één, of zelfs twee, jaar uit om kleuters Nederlands te leren. Stuur ze pas naar groep drie als ze daar qua woordenschat en taalvaardigheid aan toe zijn. En zorg voor scholen waar in elke les aandacht wordt besteed aan de woorden die niet elke leerling automatisch al kent.

De efficiëntste manier om een taal te leren is onderdompeling in een groep die de taal goed beheerst. Een school kan zo werken, maar dat lukt alleen als het percentage niet-Nederlandstaligen in een klas klein is. Wil je daar op grote schaal gebruik van maken, dan zou je onze kleine Turkjes en Marokkaantjes over alle basisscholen in Nederland moeten spreiden, en dat moeten we niet willen. Speciaal onderwijs voor deze groep – goed uitgeruste zwarte scholen die dagelijks gericht aan taalontwikkeling werken – is wel een mogelijkheid. Als de minister zich daar nu eens voor inzette …