Bart Voorzangers weblog

top

volgend

overzicht

42 Kan dat gezeur over sluiers niet eens uit zijn?

Er zijn geen zinnige argumenten om vrouwen te verbieden hun gezicht te bedekken.

zaterdag, 3 april 2010

Onlangs zond de BBC een leuke tv-serie uit over moslimvrouwen die leerden autorijden. We maakten kennis met uiteenlopende figuren:

- De vrolijke losbol die haar instructeur zoveel te vertellen had over de feesten waar ze heen kon als ze eenmaal haar rijbewijs had, dat ze nergens op lette en aan het eind van de serie nog geen steek was opgeschoten.

- De traditionele oudere dame – type moeder uit Shouf shouf habibi! – die als de dood was voor de lesauto, maar ook zo vastbesloten het rijden onder de knie te krijgen dat het haar waarachtig lukte en ze nu haar invalide man wat meer onder de mensen kan brengen.

- De jonge orthodoxe vrouw die van achter haar nikaab heel openhartig vertelde over haar man die worstelde met zijn verslaving maar dankzij haar op de hadj ging (onder haar toezicht) en zo clean terugkwam dat hij weer serieus aan echt werk kon gaan denken.

De laatste had les van een vrouw, eveneens met nikaab en ruime gewaden, zodat de auto haast te klein leek voor al het fladderende textiel, maar toch vooral ook voor het vrolijke geklep en de grappen – afgewisseld met veel hamdoelilah’s en inshallah’s – waarmee ze elkaar bezighielden als de verkeerssituatie dat toestond. En vooral aan die twee moet ik denken als ik lees hoe Frankrijk en België weer eens worstelen met de gezichtsbedekking. Ze vinden daar – en als we niet oppassen vinden we het hier ook – dat zoiets niet moet mogen en rechtvaardigen dat met ernstige verhalen over de essentiële non-verbale communicatie die verloren gaat als een vrouw achter de balie of voor de klas haar gezicht bedekt houdt, de risico’s dat terroristen zich als orthodoxe moslima’s vermommen, en problemen met herkenbaarheid en identificatie.

Over de laatste twee punten kunnen we kort zijn. Het identificatieprobleem is met het nieuwe paspoort opgelost: niets unieker dan een vingerafdruk. En de meeste terroristen vermommen zich als hippe, hoog opgeleide jongeren – gewoon omdat dat het effectiefst en het makkelijkst is: er zijn er veel van, en ze zijn het zelf ook.

En dan het communicatieargument. Hele volksstammen volgen afstandsonderwijs en zien nooit een docent in de ogen. Ik doe regelmatig zaken met overheidsdienaressen van achter mijn telefoon, en dat is soms verrassend gezellig. Je kunt heel effectief non-verbaal communiceren met toonhoogte, tempo en volume (en terzijde: dat is precies wat schrijven zo lastig maakt). Blinden en slechtzienden doen niet anders. Last heb ik alleen van beambten die zich, al dan niet telefonisch, verstoppen achter formele regeltjes, en van medemensen die onzichtbaar zijn achter spiegelend autoglas zodat ik niet zien kan of ze me zien voor ik me op het zebrapad waag. Zichtbare gezichten essentieel? Kom nou toch.

Het lastige van versluiering is alleen dat we de standaardaanwijzingen missen op grond waarvan wij de ander (letterlijk) op het eerste gezicht een compleet karakter toeschrijven (en knap als ze dat ooit nog bijgesteld weet te krijgen). We moeten écht communiceren voor we haar (anders dan als moslima) weten te plaatsen. Daarin zit vast een deel van ons ongemak – een zeer leerzaam ongemak dus. De rest van onze last is islamangst.

Natuurlijk is het triest als een vrouw doodongelukkig met haar zware vermomming over straat moet omdat een man – haar man, haar vader, haar broer, haar oom – haar zedigheid belangrijker vindt dan haar geluk. En ’t is zelfs denkbaar dat een enkeling die ‘uit eigen vrije keuze’ voor verhulling kiest, die onderdrukkende normen ‘geïnternaliseerd’ heeft. Maar precies datzelfde geldt voor vrouwen die zich juist uitdagend kleden vanwege de onderdrukkende norm die haar verplicht om lustobject te zijn, of het powerpakkenvolkje en de norm dat je voor het dragen van verantwoordelijkheden een colbertje aan moet. ’t Zou mooi zijn als we zulke vrouwen konden ‘bevrijden’, maar vrijheid vergroot je niet met een verbod. Emancipatie stimuleer je door mensen aan het denken te zetten, niet door dat voor ze te doen.