Bart Voorzangers weblog

top

volgend

overzicht

69 Dagblad Trouw: Podium voor het vrije woord

Trouw weigert de publicatie van een kritisch stukje over een artikel in het Letter & Geest-katern omdat de schrijver van dat stukje betoogt dat de auteur van het artikel een onheuse voorstelling van zaken geeft en met onzinargumenten mensen zwart maakt. Het potsierlijke argument? De redactie ‘houdt het graag bij de kwestie zelf, dus bij de inhoud i.p.v. bij de personen’.

maandag, 15 november 2010

Onlangs schreef ik hier een kritisch stukje over een artikel van Trouw-columniste en -redacteur Elma Drayer. Ik meende dat zij in haar artikel op onheuse wijze ‘afrekende’ met een aantal mensen – Anja Meulenbelt, Carla Peijs, Naomi Wolf, Karen Armstrong – door ze meningen toe te dichten die ze niet hebben, en daar vervolgens op vilein bedoelde wijze de vloer mee aan te vegen. Mevrouw Drayer streed stoer tegen strovrouwen ter verdediging van onze superieure cultuur, en kwam als glorieuze overwinnaar uit de strijd. Ze doet dat vaker, en ik had gehoopt dat Trouw daarboven stond.

In Trouw zelf bleef kritiek op haar artikel uit. Kennelijk is de animo om mevrouw Drayer weer eens weerwoord te geven zowat wel verdampt. Dus ik besloot eens te kijken of ze daar mijn verhaal wilden publiceren. Na wat overleg met de redactie stuurde ik een stukje in voor de Podium-pagina – ‘het onderdeel van Trouw waar het vrije woord klinkt’ – met netjes minder dan het maximum aantal woorden voor die rubriek. Het werd geweigerd. Volgens de redactie was mijn stuk (ik citeer uit een e-mail)

… in deze vorm niet geschikt voor de opiniepagina. het is geen opiniestuk over de vraag of monotheïstische godsdiensten vrouwonvriendelijk zijn (het onderwerp van elma drayer), maar het is een opsommming wat elma drayer verkeerd doet. Podium houdt het graag bij de kwestie zelf, dus bij de inhoud ipv bij de personen.

En zeker, mevrouw Drayer begon haar verhaal met wat opmerkingen over ‘de vrouwonvriendelijkheid van monotheïstische godsdiensten’ – een uitgekauwd thema waarover zij niets nieuws te melden had, en dat ze alleen opvoerde ter introductie van het eigenlijke object van haar gram. Ze wilde schrijven over geheel zelfverzonnen domme vrouwtjes die kwijlend achter het hoofddoekjeslegioen aanhollen en die er alles voor over hebben bij salafisten in het gevlij te komen.

Maar grappig hè? Je leest een stuk, meent dat de schrijver een hele reeks het betoog volledig ondermijnende fouten maakt, schrijft dat netjes op (hoe netjes kunt u hieronder zien), en dan wordt het niet geweigerd omdat de argumenten niet deugen, omdat het stuk nodeloos onheus van toon is, omdat je op de vrouw speelt in plaats van op het betoog, omdat het te lang is, omdat het onleesbaar is, omdat het zo vol taalfouten zit dat geen redactieassistent dat nog hersteld krijgt, nee, het wordt geweigerd omdat het duidelijk maakt wat de auteur verkeerd doet, dus wat er mis is met het stuk waarop je reageert.

Ach, ik heb mijn eigen podium – dus bij deze de door Trouw geweigerde tekst:

Drayers drogredenen

Mevrouw Drayer (Trouw, 23 oktober) windt zich op over de vrouwonvriendelijkheid van orthodoxe monotheïsten en over lieden die ervoor pleit ze hun gang te laten gaan. Ik ben zo iemand, dus ik was benieuwd wat mevrouw Drayer tegen ons had. Een uitgebreidere versie van dit verhaal vindt u in mijn weblog.

Mevrouw Drayer begint met de SGP die vrouwen het stemrecht onthoudt met een beroep op de vrijheid van godsdienst. Ten onrechte, meent ze, want die godsdienstvrijheid geldt alleen ‘binnen de eigen muren van synagoge, kerk of moskee’. ’t Klinkt logisch, maar ’t klopt niet. De grondwet kent geen boedelscheiding – godsdienstvrijheid voor de in kerk, vrijheid van meningsuiting voor in de politiek, seksuele gelijkheid op de werkvloer. Alle grondrechten gelden overal; daarom botsen ze zo regelmatig.

Het grootste deel van mevrouw Drayers verhaal gaat over de islam. Ze begint met een litanie van misstanden in islamitische landen. Volgens haar zijn die hier ondenkbaar, en dat roept de vraag op wat ze doen in een betoog dat er uitsluitend op gericht is ons moslimknuffelaars aan de schandpaal te nagelen. De schijn oproepen dat wij die misstanden níet veroordelen?

Uiteindelijk komt mevrouw Drayer tot de kern van de zaak. ‘Een kongsi van christenvrouwen, feministen en zedenkenners werpt zich de laatste jaren op als verdedigers van de hoofddoek.’ Het onderscheid tussen een hoofddoek en de vrijheid zelf te kiezen of je zo’n doek draagt, is mevrouw Drayer kennelijk te subtiel.

Eerst krijgt Karla Peijs ervan langs omdat die inzag dat je sommige moslima’s hun bewegingsvrijheid zou ontnemen als je ze verbood een hoofddoek te dragen. ‘Een petitio principii, ofwel een cirkelredenering’ noemt mevrouw Drayer dat met geleende geleerdheid, maar waar zit de cirkel? Mevrouw Peijs verdedigt een situatie ‘met dezelfde argumenten als waarmee ze in het leven is geroepen’ zegt mevrouw Drayer, maar los van het feit dat daar niets mis mee is – als een situatie met goede argumenten in het leven is geroepen vormen die argumenten een uitstekende verdediging van die situatie – is het onzin: mevrouw Peijs beroept zich niet op islamitische kledingvoorschriften, maar op het belang van vrouwen zich vrij te kunnen bewegen. In een situatie waarin een hoofddoek – deels vanwege vrouwonvriendelijke mannen, geen mens die dat ontkent – die vrijheid biedt, veroordeel je die vrouwen tot onvrijheid door die hoofddoek te verbieden.

Vervolgens moeten Anja Meulenbelt, Karen Armstrong en Naomi Wolf, het ontgelden – drie vrouwen van wie niemand een hoofddoek hoeft te dragen, en van wie iedereen dat mag. En dat is precies de vrijheid die mevrouw Drayer moslima’s misgunt:

Elke moslimhoofddoek, …, verspreidt hetzelfde bericht: ik leg mijzelf als vrouw beperkingen op, omdat de mannen om mij heen worstelen met hun libido. …

Bovendien betekent elke nieuwe moslimhoofddoek een stille overwinning voor de salafisten en hun diepe haat tegen het Westen – ook al houdt de draagster in kwestie nog zo vol dat zij slechts haar Schepper eer wil bewijzen. Waarom zou je dat in hemelsnaam toejuichen?

Die vraag is onzin, want er juicht niemand. De rest is puur paternalisme. Kennelijk bepaalt niet de gehoofddoekte moslima maar mevrouw Drayer, en alleen mevrouw Drayer, wat zij met die hoofddoek zegt.

Mevrouw Drayer zegt even later terecht dat we haar niet mogen verwijten als haar verhaal haar op punten in PVV-gezelschap brengt. Maar zelf verwijt ze hoofddoekdragende vrouwen wel dat zij hún kledingvoorkeur delen met die vermaledijde salafisten.

Drayers uitsmijter is een doordenkertje: vervang geslacht door ras; vinden we dan nog steeds alles wat we nu vinden over allerlei door monotheïsten gemaakte verschillen? Die kans lijkt mevrouw Drayer klein, en ze heeft gelijk. Maar de vergelijking rammelt. Tussen zwart en blank bestaan geen significante verschillen, tussen mannen en vrouwen wel, zozeer zelfs dat de door Drayer geadoreerde Cisca Dresselhuys hoofdredacteur van een vrouwenblad kon zijn zonder dat Drayer dat een schande vind. Had ze het net zo acceptabel gevonden wanneer mevrouw Dresselhuys de hoofdredactie over een blankenblad voerde? Tussen mannen en vrouwen bestaan zulke grote verschillen dat we het volstrekt acceptabel vinden wanneer vrouwen, en mannen, aparte kleedkamers wensen. Vindt mevrouw Drayer aparte kleedkamers voor zwarten en blanken even aanvaardbaar? Dacht ik ook niet.

Mevrouw Drayer grossiert in drogredenen – hier en elders.