Bart Voorzangers weblog

top

volgend

overzicht

73 Over groepen (reprise)

Eerder schreef ik over Rouvoets oproep aan vertegenwoordigers van de Marokkaanse gemeenschap actiever op te treden tegen antisemitisch gedrag van Marokkaanse jongeren. Erg content met mijn analyse daar ben ik bij nader inzien niet. Tijd dus om nog eens wat dieper na te denken. Het probleem blijft me fascineren, of preciezer …

zondag, 19 december 2010

Groepen blijven me fascineren. We doen er van alles mee. Neem het opspelend antisemitisme. Relatief veel onheuse uitingen jegens joden zijn afkomstig van moslims van Marokkaanse huize. De kritiek op die uitingen richt zich ‘dan ook’ op de islamitische en de Marokkaanse gemeenschap. Natuurlijk beseffen we dat moslims en Marokkanen niet per definitie antisemitisch zijn, maar op de een of andere manier vinden we al snel dat ze een speciale verantwoordelijkheid hebben: ze moeten ‘iets doen’ aan dat antisemitisme, er afstand van nemen, de overtreders tot de orde roepen, ze opvoeden, enzovoort.

Nu zijn die Marokkaans-islamitische antisemieten wel meer dan Marokkaans en islamitisch alleen. Ze zijn jong: tieners en twintigers. Ze zijn man. Erg hoog opgeleid zijn ze veelal niet. Ze komen uit families die nog niet zo lang in Nederland wonen. Ze komen uit gezinnen met een relatief laag inkomen. Zo bezien zouden we ook mannen, jongeren, laag-geschoolden, nieuwe Nederlanders in het algemeen, uitkeringstrekkers en minimumloners kunnen aanspreken op het antisemitisme dat per slot vooral uit hún kringen afkomstig is. Maar dat doen we niet.

Natuurlijk maken de meeste mannen, jongeren, nieuwe Nederlanders, uitkeringstrekkers en minimumloners zich nooit aan antisemitische uitingen schuldig, maar dat geldt voor de meeste moslims en de meeste Marokkanen ook.

Heeft het antisemitisme van de groep die nu speciale aandacht krijgt (er zijn ook andere) dan wellicht iets te maken met die islamitische of Marokkaanse achtergrond? Zijn ‘moslim zijn’ en ‘Marokkaan zijn’ factoren die het antisemitisme van deze groep verklaren op een manier waarop ‘man zijn’, ‘jong zijn’ of ‘in betrekkelijke armoede opgegroeid zijn’ dat niet doen?

Hoe komt het eigenlijk dat deze jongens zich tegen joden keren? Een simpele verklaring komt wellicht op het volgende neer. Ze hebben het idee dat ze hier niet altijd even welkom zijn en dat ze, bijvoorbeeld op de arbeidsmarkt, worden gediscrimineerd omdat ze Marokkaan, moslim, of beide zijn. Emotioneel keren ze de maatschappij de rug toe. Ze identificeren zich vooral met hun islamitische achtergrond en met ándere moslims waar ook ter wereld die eveneens in een verdomhoekje zitten. En dan kom je al snel uit bij de Palestijnen die in de islamitische wereld – niet onbegrijpelijk – als hét voorbeeld van onrechtvaardig behandelde geloofsgenoten gelden. Die Palestijnen zijn het slachtoffer van de staat Israël, en aangezien dat een ‘joodse’ staat is, die door zeer veel joden elders door dik en dun gesteund wordt, is de stap naar ergernis over en onaangenaam optreden tegen joden elders op z’n minst verleidelijk.

Voor dit verhaal zijn vrijwel alle eerder genoemde kenmerken van de betrokkenen van belang. Met wat meer opleiding hadden velen hunner het vast verder gebracht, en met een wat betere sociaal-economische achtergrond waren ze vast krachtiger gestimuleerd om hun opleiding voort te zetten en daarbij wellicht ook meer geholpen. Maar ja, als nieuwe Nederlander heb je nu eenmaal een grotere kans aan de basis van de economische en sociale piramide te belanden. Als ze geen man waren geweest, en minder jong, hadden ze dezelfde frustraties waarschijnlijk op een andere manier (of helemaal niet) geuit. Bovendien gaan mensen, als ze ouder worden, vaak ook net iets genuanceerder denken zodat ze net iets minder snel de voor bovenstaande verklaring noodzakelijke maar wankele denkstappen van Israëlische overheid naar Israëli’s naar joden in het algemeen zetten.

Eigenlijk speelt alleen hun Marokkaanse achtergrond nauwelijks een rol. Maar dat kan komen doordat ik m’n verhaal kort hield. Als we ervan uitgaan dat satellietzenders als Al Jazeera een belangrijke bron van hun kennis over Palestina is, en velen gaan daarvan uit, dan is enige kennis van het Arabisch van belang. Marokkaanse jongeren hebben die vast vaker dan bijvoorbeeld Turkse.

Kortom, er zijn heel wat factoren nodig om het antisemitisme van deze Marokkaanse moslims te verklaren. Ze behoren dus tot heel wat verschillende groepen die we allemaal met even veel (of even weinig) recht op hun betrokkenheid zouden kunnen aanspreken. En vrijwel al die groepen hebben wel vertegenwoordigers bij wie we ons daarvoor kunnen vervoegen. Zeker, dat zijn meestal zelfbenoemde vertegenwoordigers. Maar dat geldt voor de vertegenwoordigers van moslims en Marokkanen ook. En het zijn ongetwijfeld vertegenwoordigers door wie de jongens die we tot de orde geroepen willen zien zich niet aangesproken zullen worden, maar ook dat geldt voor die van moslims en Marokkanen evenzeer.

Ja maar – zegt een stemmetje in mijn achterhoofd, en wie weet zegt u het eveneens – er móet toch iets zijn waardoor het júist Marokkaanse moslims zijn die joden beschimpen en bedreigen!? Dat stemmetje herken ik wel. Het is de woordvoerder van het ook in mij huizende en kennelijk nauwelijks tot zwijgen te brengen vooroordeel dat Marokkanen en moslims inherénter antisemitisch zijn dan jongeren of uitkeringstrekkers. Maar een vooroordeel blijft het – een uitstekend voorbeeld van de splinter die we zien in andermans ogen terwijl de balk in die van onszelf ons ontgaat. Joden waren de eeuwen door in Marokko beter af dan in grote delen van Europa, en de islam, hoewel weinig positief over joden, maakte het nooit zo gortig als het christendom dat de joden voor godsmoordenaars hield en ze bij gelegenheid navenant behandelde.

Daarmee redeneer ik natuurlijk niet weg dat het, mede vanwege een aantal niet allemaal even heldere koranteksten, begrijpelijk is dat antisemitisme bij moslims, en dus ook bij islamitische Marokkanen voorkomt. Ligt dat voor jonge uitkeringstrekkers als groep niet wezenlijk anders? Per slot moeten die het zonder die teksten doen. Ik weet het niet. Het geteisem dat in de kristalnacht tekeer ging wás vooral jong en economisch achtergesteld. Zij richtten hun onvrede op een groep die daar geschikt voor leek, en daarvoor hoeft zo’n groep alleen maar herkenbaar ánders te zijn. Dat het om joden ging, had weinig met de jeugdigheid of de economische positie van hun belagers te maken en was in die zin toevallig, maar dat die belagers een object voor hun onvrede zochten, had wel degelijk te maken met hun leeftijd en hun frustrerende positie. Wanneer is een verband ‘inherent’? En hoeveel doet dat ertoe?

Het zijn niet ‘júist Marokkaanse moslims … die joden beschimpen en bedreigen’ zoals ik even eerder schreef, of althans niet op voorhand, althans niet meer dan dat het júist jonge werklozen of júist matig geschoolde mannen zijn die zich daaraan schuldig maken.

Voor we kunnen zeggen dat het júist Marokkaanse moslims zijn, zullen we moeten aantonen dat Marokkaanse moslims, in tegenstelling tot álle anderen, een forse kans lopen antisemiet te zijn en zich daar openlijk naar te gedragen. Er zijn misschien in absolute aantallen heel wat Marokkaanse moslims die joden uitschelden en fysiek lastig vallen, maar procentueel ligt dat anders. Als u een Marokkaanse moslims tegenkomt, gaat de kans dat die zich ooit aan antisemitische wandaden heeft schuldig gemaakt de nul maar nauwelijks te boven. En dat is toch wat weinig voor een ‘inherent’ verband.

U ziet, eruit kom ik niet. Maar dat had ik ook niet verwacht. Ik ben al heel tevreden als u zich, net als ik, toch eens achter de oren krabt wanneer deze of gene de islamitische of Marokkaanse (of willekeurig welke andere) gemeenschap weer eens oproept zich van iets te distantiëren of ergens iets aan te doen: Hoe terecht is het dat probleem (welk probleem het ook is) op hún bordje te leggen? En welke vooroordelen zouden er kunnen schuilen achter de schijnbare vanzelfsprekendheid van zo’n oproep?