Bart Voorzangers weblog

top

volgend

overzicht

91 Demoniseren

Eerder schreef ik hier dat Blok en Von der Dunk Geert Wilders demoniseerden, maar als demoniseren is wat Ephimenco in Trouw met Von der Dunk doet – en Von der Dunk volgens Ephimenco met Wilders – moet ik die ‘beschuldiging’ zonder meer terugnemen. Tussen Ephimenco enerzijds en Blok en Von der Dunk anderzijds gaapt een onoverbruglijke morele kloof.

vrijdag, 29 april 2011

Ik schreef dat de heren Blok en Von der Dunk de heer Wilders demoniseren door een lijstje te maken van de opzichten waarin hij op Hitler lijkt. Ze suggereren daarmee dat die gelijkenis zich uitstrekt tot niet genoemde opzichten, en dat de heer Wilders akeliger dingen wil, of tot akeliger dingen in staat is, dan hij nu al zegt te willen. Daarmee schilderen ze hem zwarter af dan ze kunnen hardmaken op grond van wat zij en wij nu weten, en dat is precies wat ik met ‘demoniseren’ bedoelde: ze stellen hem duivelser voor dan te rechtvaardigen valt, en daarbij gaat het om iets gradueels. Mijn bezwaar tegen zo’n voorstelling is dat het kan leiden tot een debat waarin mogelijk, en zelfs waarschijnlijk, onjuiste vooronderstellingen voor waar worden aangenomen, en daar komen we niet verder mee. Laten we ons vooral beperken tot wat we wél weten. En ten overvloede: dat is precies wat Von der Dunk in zijn lezing vervolgens ook deed.

Welke akeligheden Wilders nog meer met Hitler gemeen zouden kunnen hebben, zeggen Blok en Von der Dunk niet. Maar ze geven beiden duidelijk aan daarbij niet te denken aan concentratiekampen en gaskamers. Ze stellen Wilders dus zeer nadrukkelijk niet aan Hitler gelijk.

Mijn woordenboek geeft aan ‘demoniseren’ een veel absolutere betekenis: iemand als duivel afschilderen. In die zin hebben we Hitler inmiddels vrij effectief gedemoniseerd en dat naar mijn idee tot onze schade: hoe beter we beseffen dat Hitler niet veel ongewoner was dan de meeste andere mensen toen en nu, hoe beter we onszelf en elkaar kunnen behoeden voor de morele duikeling waarvan zijn leven een voorbeeld is. Het demoniseren van een man als Hitler ontdoet hem van zijn leerzaamheid en maakt hem in die zin politiek irrelevant. Hoe dan ook, van het demoniseren van Wilders in deze absolute zin is bij Blok noch Von der Dunk sprake. Kennelijk heb ik het woord ‘demoniseren’ een te onschuldige betekenis gegeven, en dat is verwarrend. Daarvoor bij deze mijn verontschuldiging.

In Trouw verscheen gister een stukje van meneer Ephimenco die meent dat Von der Dunk met zijn lezing aanstuurt op een moordaanslag op de heer Wilders, en nog even een duwtje nodig heeft om dat hardop te durven zeggen. Kennelijk meent ook Ephimenco dat Von der Dunk ‘demoniseert’ (al gebruikt hij die term niet), maar dan in de absolute zin van mijn woordenboek. Ik ben het daarin niet met Ephimenco eens. Maar ik ben het vrijwel nooit met Ephimenco eens, en argumenten die me aan het denken weten te zetten, geeft hij zo zelden dat ik hem nauwelijks nog lees. In tegenstelling tot Hitler – en wie weet ook Wilders – ontbreekt het de heer Ephimenco aan leerzaamheid. Ephimenco is een, mogelijk ernstig, getraumatiseerde mopperkont die van Trouw de gelegenheid krijgt grieven uit een onverwerkt verleden te uiten, wat mooi is omdat ze anders maar naar binnen slaan om zich vervolgens in wie weet wat voor akeligs alsnog te manifesteren. Trouw heeft wel meer van dat soort columnisten. Da’s lief van Trouw, al blijf ik denken dat het nog liever zou zijn ze tot een opbouwender vorm van therapie te bewegen. Een krant moet informeren en tot denken aanzetten. En in dat opzicht doet Trouw sommige van zijn columnisten toch echt tekort.